Ouderenmishandeling, het is er wel maar we zien het niet

Waarom is het signaleren van ouderenmishandeling zo moeilijk?

In Nederland komt ouderenmishandeling gemiddeld bij 1 op de 20 ouderen voor. Dat is best veel. Maar als mensen gevraagd worden naar gevallen in hun eigen omgeving, kan bijna niemand een voorbeeld noemen. Ouderenmishandeling is er wel, maar we zien het niet. Daarom werken Kadera aanpak huiselijk geweld en GGD IJsselland, in opdracht van de gemeente Zwolle, aan meer bekendheid over dit onderwerp.

Een van de voorlichtingen over ouderenmishandeling die georganiseerd worden, vindt plaats bij een zorginstelling in Zwolle. De ouderen die deelnemen aan de voorlichting wonen daar, op een zorgafdeling en in aanleunwoningen.

In eerste instantie komt geen van de ouderen tijdens de voorlichting met een voorbeeld uit hun eigen omgeving. Maar als we wat verder praten blijkt al na een half uur dat bijna iedereen een voorbeeld kent, er zijn zelfs mensen aanwezig die zelf een situatie van ouderenmishandeling hebben meegemaakt! Een meneer vertelt: “Kinderen die beloven dat ze je mee naar buiten nemen, een stukje wandelen. Elke keer zeggen ze: “de volgende keer gaan we”, maar we gaan nooit. Ik kom helemaal niet meer buiten.” Anderen vertellen over situaties waarin hen financiële schade is toegebracht. Ook bij deze vormen, of bij verwaarlozing of ontspoorde mantelzorg spreken we van ouderenmishandeling. De overeenkomst tussen die vormen is dat altijd sprake is van een relatie van afhankelijkheid. Vaak is het juist een familielid of vriend die de oudere benadeelt.

Ouderen praten hier niet over
Waarom is het zo moeilijk om hierover te praten? Een van de aanwezigen antwoordt: “Je wilt geen kwade dingen zeggen van je kinderen en kleinkinderen. Vroeger werd er helemaal niet over gepraat. Mensen schamen zich ervoor.” Anderen geven aan: “Ouderen praten niet omdat ze niet als zeurpiet en klager gezien willen worden. En omdat ze bang zijn familie of andere contacten kwijt te raken.”

Marieke werkt als helpende in de zorginstelling. Ze vertelt: “Het is erg moeilijk om bepaalde situaties te signaleren. Blauwe plekken kun je zien, maar veel gebeurt in stilte. Toch voel je soms dat er iets aan de hand is. Een cliënt is teruggetrokken, stil of gedraagt zich anders. Het is een onderbuikgevoel, je kunt het geen plaats geven. Omdat we nu getraind zijn kunnen we er wat mee. Vroeger had je geen handvatten, maar nu weet je wat je kunt doen met die gevoelens die je hebt. Ga je overleggen met collega’s? Ga je zelf iets doen, of professionele hulp inschakelen?”

Ouderen hoeven het niet alleen te doen
Voor iedereen is het duidelijk dat er situaties zijn waarin er echt iets moet gebeuren. Bewustwording en de problemen bespreekbaar maken zijn de eerste stap. Dat we er samen over praten en het onderwerp uit de taboesfeer halen is belangrijk. Het is zoals een van de ouderen aangeeft: “Ik zou graag willen dat mensen inzien dat ze niet alleen zijn. Dat het veel vaker voorkomt dan je denkt. En dat we er oog voor krijgen. Mensen moeten alert zijn, ook de verzorging, want het komt echt in je eigen omgeving voor. Dan is het belangrijk dat je weet wat je eraan kunt doen.”

Informatie en advies
Heeft u een vraag over ouderenmishandeling of wilt u advies over een bepaalde situatie? U kunt altijd contact opnemen met een van de hulpverleners van Kadera Steunpunt Huiselijk Geweld (0900 1 26 26 26). De voorlichting werd gegeven in het kader van het project Ouderenmishandeling dat door Kadera en GGD IJsselland in 2013 wordt uitgevoerd in opdracht van de gemeente Zwolle.