De meldcode in de praktijk

Daar zitten we dan, pen en papier in de aanslag, headset aangesloten en met een lichte kriebel in de buik. Ready, set….go! De lijnen staan open. De telefoon blijft angstvallig stil.

Op 1 juli was het dan eindelijk zo ver, de Wet meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling is ingevoerd! Vanuit het Steunpunt Huiselijk Geweld (SHG) zal vanaf dat moment ook volgens het nieuwe handelingsprotocol gewerkt worden. Er is veel voorbereidend werk gedaan, collega’s hebben gezwoegd op het schrijven van werkprocessen en ook het registratiesysteem is aangepast. Als team hebben we veel gesproken over deze ontwikkelingen en het effect daarvan op onze werkwijze. Naast enthousiasme, gedrevenheid en positieve energie is er ook wel wat spanning voelbaar. Zijn we er wel echt klaar voor, en kun je dat ooit echt zijn? (Om het koningslied nog maar eens te quoten.) Hoeveel meldingen gaan we binnen krijgen? Kunnen we die allemaal bolwerken?

De persberichten logen er niet om: “Op 1 juli zijn wij er klaar voor; uw vragen en meldingen zijn van harte welkom bij Kadera Steunpunt Huiselijk Geweld!”   

Ik staar nog maar eens naar de telefoon die mijn vragende blik met stilzwijgen beantwoordt. 

Inmiddels zijn we twee maanden verder, het is september en we hebben welgeteld twee meldingen binnengekregen. Dit lijkt misschien niet veel, maar toch heeft het handelingsprotocol al wel wat teweeggebracht. We werken professioneler en meer systeemgericht. We bespreken met bellers de mogelijkheid tot het doen van melding, maar vaak blijkt er in het voortraject nog veel mogelijk te zijn en hoeft het niet tot een melding te komen.

Een bezorgde buurvrouw belt, omdat haar buren toch wel erg vaak en erg luidruchtig ruziën, en vraagt zich af wat zij kan doen. Na wat advies van onze kant lukt het haar om de buurvrouw te motiveren om zelf contact met het SHG op te nemen.

In een casus rondom ouderenmishandeling blijkt na een gesprek met alle partijen dat er een jarenlange familieruzie schuilgaat achter de huidige problemen en kunnen we passende hulp organiseren.

Doordat we, wanneer het gaat om een advies of consultatie, geen gegevens registreren van het cliëntsysteem is voor de beller duidelijk wat de rol van het SHG is: meedenken en adviseren.

Natuurlijk is het niet alleen hulde en lof aan de nieuwe werkwijze en lopen we ook tegen knelpunten aan. Huiselijk geweld laat zich niet regisseren, er blijven altijd complexe situaties die net even anders zijn dan alle protocollen voorschrijven. Dat is, mijns inziens, ook het leuke van ons werk en vraagt om creatief denken.

Het zal tijd kosten om ons het werken volgens het handelingsprotocol helemaal eigen te maken. Gelukkig is de stortvloed aan meldingen uitgebleven. De meldcode doet haar intrede langzaam en elegant.

Mijn telefoon staart me meewarrig aan en produceert een rinkelend geluid. Ik realiseer me: genoeg gefilosofeerd, hup aan de slag. We hebben een beller!