Werken in een Peruaanse vrouwenopvang

Ik zal me eerst even voorstellen: Mijn naam is Denise Jonker, ik ben 24 jaar en vorig jaar afgestudeerd als psychologe. Na mijn studie ben ik voor vijf maanden naar Oost Afrika gegaan, waar ik in aanraking kwam met de hoge prevalentie van huiselijk geweld in Uganda. Helaas wordt geweld tegenover vrouwen in Uganda nog door veel mensen geaccepteerd en zijn de voorzieningen voor vrouwen die een gewelddadige thuissituatie willen ontvluchten slecht. Ik raakte geboeid door dit onderwerp en kreeg het idee om in de toekomst zelf een vrouwenhuis op te richten.

Echter, met mijn 24 jaar en beperkte werkervaring leek me dit nog een te grote stap om gelijk uit te voeren. Terug in Nederland vond ik een ontzettend interessant project in een vrouwenopvang in Cusco, Peru. Er lijken veel overeenkomsten te zijn tussen Uganda en Peru als het gaat om de hoge prevalentie en de acceptatie van huiselijk geweld. Ook hier worden vrouwen vaak als bezit gezien, als diegene die kinderen baart, voor de kinderen zorgt en thuis blijft voor het huishouden.

In het opvanghuis waar ik werk wonen op het moment twaalf moeders (waarvan er drie zwanger zijn) en 17 kinderen. Kinderen van 12 jaar of ouder mogen vanuit veiligheidsredenen niet in het huis verblijven. Een deel van de moeders heeft naast de kinderen die in het huis verblijven dan ook nog andere kinderen, die meestal bij familieleden verblijven. Het huis heeft zes slaapkamers, met elk twee of drie bedden. Er zijn dus niet genoeg bedden voor iedereen en de bedden worden gedeeld. Iets dat in Peru niet ongebruikelijk is. Het huis heeft een ontvangsthal, waar de moeders vaak zitten te praten of breien. Er is een klein buitenhofje, gedeeltelijk overdekt, waar de vrouwen ‘s ochtends hun kleding wassen (met de hand). Ook worden hier cavia’s gehouden, die overigens niet als huisdieren dienen en volgens de Peruaanse bevolking ‘rico’oftewel heerlijk zijn. Op de eerste verdieping is een gemeenschappelijke keuken en eetruimte. Er is een rooster, aan de hand waarvan de vrouwen elkaar afwisselen met koken en schoonmaken. De producten om te koken worden verzorgd door de organisatie. Tot slot is er op de tweede verdieping een grote gemeenschappelijke ruimte, die gebruikt wordt voor activiteiten. Hier staan enkele naaimachines en ik gebruik de ruimte zelf om danslessen te geven.

Vrouwen kunnen tot 4 a 6 maanden in het opvanghuis verblijven. De deur van het huis is altijd op slot en de meeste vrouwen mogen alleen onder begeleiding naar buiten. ‘s Nachts is er altijd één van de medewerkers aanwezig en ook overdag is er in principe altijd begeleiding. In mijn ogen worden er echter weinig activiteiten georganiseerd voor de vrouwen, waardoor er vaak verveling heerst in het huis. Dit is dan ook iets dat ik zelf opgepakt heb, door het organiseren van Engels lessen, danslessen en binnenkort wil ik starten met een assertiviteitstraining.  Eens in de week gaan de vrouwen gezamenlijk en onder begeleiding naar het kantoor van de organisatie, waar zij deelnemen aan een groepstherapie samen met andere slachtoffers van huiselijk geweld, die geen noodopvang nodig hebben.

Wil jij een vraag stellen of een reactie geven? Mail dan naar info@kadera.nl.